Doek

Schoon ploegje, zeker weten

Schoon ploegje, zeker weten

Het is op.

Gisteren de allerlaatste voorstelling gespeeld van Schoon Schip. Een einde in schoonheid, vond ik zelf.  Ook dit weekend varieerden de commentaren van ‘grandioos’ tot ‘een schande!’ Ik put er voor mezelf hoop uit dat theater nog zo’n uiteenlopende reacties kan oproepen. Dat blijft de merkwaardigste en meest onverwachte conclusie na het vele werk dat in deze productie is gekropen.

De eerlijkheid gebiedt me te zeggen dat het tweede en laatste speelweekend onder een wat vreemde sfeer startte. Dat had te maken met een ‘recensie’ die middels ondoorgrondelijke wegen plots op de Knack site stond. Die bespreking is nogal… vernietigend, om het mild te stellen. Hoe je het draait of keert, zo’n dingen hebben invloed. Vooral als de inhoud zo grotesk is als hier het geval is. Moest je écht eens een uur zoek willen maken, probeer dan die kritiek eens helemaal door te nemen. Ik geef toe dat is een opdracht want echt vlot lezen  doet die wat slordig in elkaar gezette tekst niet. Het punt dat ik wil maken is; zulke woorden wegen op een ploegje dat nog vier keer het beste van zichzelf moe(s)t geven. Dat was dus niet leuk.  Zeer groot compliment aan actrices en acteur die zich met inzet en waardigheid revancheerden op de énige plek die er dan toe doet: de scène.

Ja, ik zou hier bespreker Lukas De Vos met gemak enige beledigingen naar het hoofd kunnen mikken. Waarschijnlijk is zijn ego groot genoeg dat je nauwelijks kàn missen. Daar valt dus geen voldoening uit te beuren.
Eén ding: Ik geloof geen woord van zijn statement dat hij van amateurtheater houdt. Dat is niet erg, want ik vind dat liegen mag, mits je het met talent doet, dat is de randvoorwaarde. Enige theatraliteit is me op dat vlak niet vreemd.  Als Schoon Schip volgens De Vos al over ‘penis-nijd’ gaat, dan kan ik in zijn bespreking alleen maar ’vagina-vrees’ herkennen. Het goede nieuws is: daar bestaan pilletjes voor. Ze zijn blauw van kleur en ruitvormig. En ze zijn makkelijk te scoren op het net. Maar dat laatste heb ik alleen maar van horen zeggen, dus don’t take my word for it! Verder ga ik niet.

Gisterenavond met Cast & Co de productie afgesloten met een gezellig etentje in een Boechouts etablissment waar de uitbaters het gelukkige idee hadden om ons in een apart zaaltje te stallen, want hoe ingetogen de toon van de productie ook was, de cast kon off stage luidruchtig uit de hoek komen. Daar kreeg ik nog een proper en gepersonaliseerd cadeau aangeboden dat ik graag met de lezers van deze blog wil delen. De fijne tekst aan de achterkant van de bus, hou ik wél voor mezelf. Niet alles dient in cyberspace rond te zwerven. Het is daar naar het schijnt al vuil genoeg.

Monsieur Propre lui-même

Monsieur Propre lui-même

Ik heb ook nog een leeg schriftje gekregen. De cast had op deze blog gelezen dat ik mijn rode schriftje ergens verloren had gelegd tijdens de generale repetitie. Ik zal het maar interpreteren als een teken dat ze nòg wel eens met mij in een theateravontuur willen stappen. Dat beschouw ik dus als een goed teken. En een compliment.

Rest er mij niets anders dan Freija, Nicole VdH, Nicole P, Rita  en Freddy te bedanken voor de vele uren van geconcentreerd repeteren. Het schaven en het krullen tot het was wat het geworden is: Een herinnering waarvan ik weet dat ze me altijd nauw aan het hart zal liggen. Een productie met een gloed.

Maar er zijn er nog vele anderen die ik wil bedanken:

  • de geweldige en omvangrijke  decorploeg olv Pol C en Frido VD
  • Evi R, voor het éénzame vertaalwerk
  • Griet G, voor de mooie kostuums
  • Ellen VH, voor de subtiele affiche
  • Tim DM, master of projections
  • Nicole T, Anke B en Eva VC voor grime en kapsels
  • Birgitte VH, voor het Portugese taalcoachen
  • Michiel C en Sam DM, voor de gepaste muziekjes (Sergio Mendez!)
  • Jo B en Dorien C, voor de prachtige foto’s
  • Wout M, voor het gladde dansadvies
  • Wilfried VH, voor de assistentie en het vervullen van de zo zwaar onderschatte functie van productieleider
  • Sarah R, voor de  tekst die er toe deed

En last, but not least, wil ik de trouwe lezers van deze blog bedanken. Jullie waren een fijn publiek. Een voornamelijk zwijgend en stil publiek, maar toch… jullie wàren er. Zelfs redelijk trouw. Heb het net nog even nagekeken en de teller staat momenteel op zo’n 4,894 views. Zelfs als er daar 1000 van Raymond DB bijzitten, wil dat zeggen dat velen de weg naar hier gevonden hebben. Helaas hebben niet allen ook de weg naar de schouwburg gevonden. Mijn opzet om over de grenzen van het productieproces heen, wat interactiviteit op gang te trekken moet als mislukt worden beschouwd. Dat is jammer, maar ook niet meer dan dat.
Ik heb op zijn minst geprobeerd. Da’s ook al iets.

Neen,  nu geen flauwe scheepjes-vergaan-onzin. Dat is een gepasseerd station.

Doek.
De regisseur wil het zo.

BerD

Geeft toe,ik heb niet overdreven, dat het er fantastisch stond, wel?

Geef toe, ik heb niet overdreven; het stond er fantastisch, toch?

Goed nieuws

Ook dat is Schoon Schip: Een appel die er lekker uitziet

Ook dat is Schoon Schip: Een appel die er lekker uitziet

Straks is het zover.

Dan beginnen we aan wat écht de laatste rechte lijn is: de laatste vier voorstellingen van Schoon Schip. Wat ik tot nu toe onthouden heb? Dat meningen weer erg in trek zijn. En dat is goed nieuws. Lijkt me. Dacht ik totnutoe dat we dit stuk enkel onder een gecontesteerd vertaalde titel speelden, blijkt nu dat het het stuk zelf is dat gecontesteerd is. Oeps! Foutje. Al vind ik dat er tegenwoordig wel erg weinig nodig is om controverse uit te lokken. De media verliest voor het minste de trappers. En het Noorden. Maar gelukkig nooit zijn eigengereidheid en zijn ego.

Verder aan het lijf ondervonden dat de opgestapelde vermoeidheid die bij mij steevast met het regisseren gepaard gaat, met kleine beetjes wordt losgelaten. Het leidde tot wat inert in mijn zetel hangen om zeer matige Champions League wedstrijden voorbij te zien kruipen terwijl een zekere landerigheid zich van mij meester maakt. Geen zorgen, hoor zo gaat het altijd. En meestal gaat het wel over.

Volgende week zal enkel meer van datzelfde brengen, dat weet ik nu al. En ook daar heb ik nu al vrede mee.

Maar eerst kijk ik nog uit naar het laatste speelweekend in de Mark Liebrecht Schouwburg.
Ik hoop daar niet alleen te zijn.

 BerD

The Day After

Zo. Dat hebben we gehad: De Première en de tweede reguliere voorstelling.
Trots overheerst. Ook vandaag, op het zonovergoten terras en de koffie die probeert me weer bij de les te brengen na de Cava van de afgelopen dagen, is dat het gevoel: Trots.
Het is volgens mij het kenmerk van écht getalenteerde mensen om er te staan op beslissende momenten, die dagen dat het écht moet. En ik zeg met heel veel overtuiging: deze ploeg (mijn ploegje!) stààt er op de beslissende momenten, met name, de voorstellingen. Niet dat het daarvoor kommer en kwel was, verre van, dat bedoel ik helemaal niet. Maar het lijkt of ze er toch iets extra inleggen. Accurater. En dus zie ik heel veel dingen gebeuren tijdens zo’n voorstelling die haast achteloos passeren maar waarvan ik hier wel durf stellen dat er lange uren van schuren en vijlen aan vooraf zijn gegaan. Ik beken het graag: dat is kicken.

Mijn ploegje in actie (foto Jo B.)

Mijn ploegje in actie (foto Jo B.)

Toch ook enige verbazing over het feit dat sommigen Schoon Schip een ‘raar’ stuk vinden. Sta mij toe dat ‘raar’ te vinden. Het heeft een begin en een midden. Zelfs een einde! Wat wil je nog meer? Dat is haast ouderwets, zou ik zeggen. De verhaallijnen zijn wat onorthodox, maar ik vraag me af uit wat voor verhaallijnen iemands leven bestaat die dit Schoon Schip verhaal als ‘raar’ catalogeert. Ik stel me bij zo’n leven een horizontale lijn voor die pulseert rond de absolute nul-waarde, ja dàn, dan begrijp ik het weer wel.

Mijn ploegje op de bank (foto Dorien C)

Mijn ploegje op de bank (foto Dorien C)

Dus neen, ik dicht mezelf geen enkele vorm van ‘moed’ toe, omdat we deze voorstelling aan het publiek tonen.
Ik dicht mezelf wel enige (pas op, nu volgt één van de lelijkste en meest overschatte woorden van de Nederlandse taal) verdienste toe, dat het er staat zoals het er staat. Op dat vlak pleit ik volledig toerekeningsvatbaar en schuldig, edelachtbare.

Ik hoop van harte dat we volgende week donderdag, vrijdag, zaterdag en zondag, nog mooie voorstellingen spelen en dat er nog mooi publiek komt naar kijken.

Ik zal er ook zijn!

BerD

Generale repetitie

Het was natuurlijk een berekend risico om iedereen gisteren aan de kant te laten in de hoop dat ze de hen gegunde rust met beide handen zou grijpen. De Generale Repetitie van vanavond was dan ook de eerste volledige doorloop zonder onderbrekingen van Schoon Schip.
Mét geluid.
Met licht.
En met teveel sneeuw.
Dat is allicht teveel van het goede om in één keer goed te gaan. Ik geloof niet in clichés als zouden slechte generales tot goede premières moeten leiden. Want het was bepaald geen slechte Generale.  Ok, er liepen wel wat dingen mis, maar deze repetitie toonde volgens mij duidelijk wat deze productie kan (en zal) worden: mooi en groots theater.

Als morgen (straks dus) iedereen is uitgerust en het premièrepubliek stroomt de schouwburg in heb ik er het volste vertrouwen in dat het goed komt. Soms is weten voldoende, hoewel dat hoogmoed in zich draagt en arrogantie herbergt. Dat weet ik zelf ook wel. Zo ben ik er van overtuigd dat het gokje om iedereen wat midweekse rust te gunnen, een zeer wijze beslissing was. Zelfs al was het vanavond niet perfect.  Pieken blijft een een moeilijke wetenschap. Vraag dat maar aan Cadel Evans.

Dat zelfvertrouwen op steroïdes dank ik ook een beetje aan de geëigende geplogenheden die bij zo’n Generale horen; de decompressie ofte het toogmoment. Daarbij begeeft de regisseur zich van barkruk  naar barkruk om vele wijsheden over zich te laten uitstorten. Als je bijvoorbeeld na een voorstelling of repetitie bij een hoog gekwoteerd theaterkenner verzeild geraakt, dan kan je wel eens zinsnedes als: “Maar ge doet  het graag hé! Ja, dat ziet ge” opvangen. Vanavond (opnieuw, eigenlijk gisterenavond): niets van dit alles. Goedkeurend en luidop monkelen. Dat was mijn deel. Ik beschouw dat als een behoorlijke schouderklop. Terwijl ik terzelfdertijd denk: Maar het wordt nog beter hoor. Als die zenuwen een beetje onder controle geraken.Als die accuraatheid wat wordt opgeschroefd. En daar zijn we echt niet zo ver af.

Dus om maar te zeggen dat ik vind dat we er klaar voor zijn. Daartoe volstaat voor mij een simpele test. Elke keer weer.  Elke Generale die ik meemaak als regisseur zet ik mij ofwel vooraan ofwel helemaal achteraan in de zaal, neem ik een schriftje bij me  en een pen in aanslag om de laatste opmerkingen op te schrijven.  Als het goed zit, noteer ik bij lichtstand twee nog een opmerking en in scène drie kras ik nog wat commentaar op een blad, om vervolgens het schriftje te laten voor wat het is en los te komen van al die techniek en naar het verhaal te luisteren. Dat leidt dan tot volgend pauzemoment: de cast die mij ziet aankomen en zegt:  “Dat zal wel een lange lijst zijn, zeker?” En ik die antwoord: “Euh. Neun. Mijn schriftje is leeg, eigenlijk. Het loopt niet perfect, maar het is duidelijk waar dit heen gaat; dus dat komt morgen wel in orde”. Dan kijken ze me wat raar aan die acteurs en actrices. Ze denken dan meestal dat ik een grapje maak. Dat ik hen op eufimistische wijze probeer uit te leggen dat het op niks trok. Maar niks is minder waar.

Als ik deze test op de  ‘Schoon Schip’ Generale van vanavond toepas, stel ik met genoegen vast dat ik mijn schriftje tijdens de pauze verloren heb gelegd. Het was trouwens leeg. Het had een rode kaft. Mocht iemand het één van de komende dagen het op zijn weg tegenkomen… je mag het houden.

Ik heb het niet meer nodig.
Overbodig geworden.
Mijn schriftje en ik.

BerD

Rustdag

ZZZZZzzzzzzz…

BerD

Klank en Lichtspel

Niets heerlijkers dan een halve dag vrij te nemen en je samen met een stel techniekers op te sluiten in een schouwburg. De Mark Liebrecht Schouwburg bijvoorbeeld. En dan wat pielen en prutsen aan licht- en geluidsstanden. Ik weet  het, dat klink marginaal. En dat is het ook, maar: ieder zijn meug, niet? Dat was dus zowat mijn agenda van vandaag (ondertussen gisteren, vertelt mijn klok mij).  En daarna, zo rond een uur of zeven nog even een stressmomentje omdat zowel, licht, geluid, decor en actreuzes allerhande mijn aandacht vroegen. En ik ben een man, dus multi tasken is niet mijn sterkste punt, maar ik doe mijn best en al zeg ik het zelf, ik maak progressie.

Bij deze, met een zweem van euforie -neen geen euforie, alsjeblief geen euforie- een berichtje na de repetitie met bijna volledige klank, bijna volledig licht, maar met heel veel sneeuw. Om niet te zeggen volledige sneeuw.  Mensen, mensen… wat voor een idee is daar aan Sarah Ruhl haar brein ontsproten. Dat werkte dus. Het resultaat was er. De chaos nadien ook. De stofzuiger blijkt één van de nuttigste uitvindingen van de 20ste eeuw.

In zoverre, dat de melding dat ‘als het vanavond allemaal goed gaat we morgen collectief vrij nemen’, voor iedereen een dusdanige motivator was dat, alles in acht genomen, dit klank en lichtspel eigenlijk heel goed liep. Natuurlijk waren er wat dingetjes die nog niet helemààl juist zaten, maar het zou bijzonder vreemd en verontrustend zijn moest dat anders zijn. Neen, dit liep behoorlijk. Acteur en actrices voelen zich zichtbaar steeds beter in hun sas in dit propere huis. Ook dat is veelbelovend.

Concreet wil dat zeggen dat ik iedereen betrokken bij de productie voor morgenavond (vanavond dus, ofte woensdagavond)  vrij heb gegeven. Kwestie van me nog eens een avond te gunnen waar ik  mijn kinderen zelf in bed deponeer en naar een Champions League wedstrijd kan kijken. Terwijl acteur en actrices hun tekst nog eens vastpakken voor de ultieme beproeving op donderdag: De Generale Repetitie.

We zijn er aan toe.

Tot gauw.

BerD

Technische doorloop

Heb net de afspanning ‘Het Theatercafé’ verlaten na het nuttigen van twee (2!) witte wijnen. Dat was nodig. Want vandaag hebben we met voorsprong de vervelendste repetitie van het hele repetitieproces achter de rug. Met name ‘de technische doorloop’. Die is altijd wat lastiger naarmate het decor driedimensionaler wordt en drie(!) keer raden: Schoon Schip heeft een zéér driedimensionale vormgeving, lees: er wordt op verschillende plateaus terzelfdertijd gespeeld en dat is iets wat we in het repetititlokaal in het beste geval kunnen simuleren maar helaas nooit repeteren. Vandaar dus.  Als regisseur kan je dan enkel  aan iedereen vragen om rustig en gedisciplineerd te blijven, maar zelfs dan blijft het een beproeving. Dat was vandaag niet anders. Tel daar morgen de vele lichtstanden nog bij en het wordt nog even behoorlijk doorbijten eer we weer echt aan spelen toekomen.

Terzelfdertijd overvalt me bij dit soort repetities een grote weemoedigheid. Want hoezeer ik ze ook als  vervelend ervaar, ze dragen in ruime mate bij aan het ultieme doel: de overbodigheid van de regisseur. Want daar zouden mijn inspanningen naar moeten leiden; dat niemand me zou missen moest ik er vrijdag op de première niet bij zijn. Dat ik als het ware oplos in het geheel der delen, gedestilleerd tot een concentraat dat door alle betrokkenen hun aders vloeit: van actrice tot decorman, van klanktechnicus tot toeschouwer. Dat je er dus bent, zonder er ook écht te zijn. Als een schrijver die door zijn proza zijn schaduw vooruit werpt in het echte leven.
Dat is niet helemaal juist verwoord, want het ultieme doel is natuurlijk een goede voorstelling. Dat de regisseur daar niet bij nodig is op het moment van de uitvoering is eigenlijk maar een bijverschijnsel. Een interessant bijverschijnsel weliswaar. Maar, een bijverschijnsel.

Het is ook de repetitie waarbij twijfel hardnekkig de kop op steekt. Met grote kracht klauwt ze omhoog, alsof ze je wil verleiden en in de val lokken. Is dit wel, zou dat wel? Was het niet beter een beetje zus? Of een beetje zo? Neen, niet dus. En iedereen heeft ook nog een mening. Godbetert, een mening! Spaar me alsjebelief.

Ik blijf er meer dan ooit van overtuigd dat we op weg zijn naar een mooie voorstelling. Alleen is de weg ernaartoe af en toe een beetje hobbelig. Maar in de Tour de France zijn het toch ook de bergritten (Lucien Van Impe! Marco Pantani!) die het meest tot de verbeelding spreken, niet? Wel dan. Die bolletjestrui is van mij!

Ik kruip mijn bed in, in de wetenschap dat er morgen weer een dag is. Ook dat is een voorrecht waar ik me aan laaf.

BerD

Opbouw

Net  de afspanning ‘Het Theatercafé’ verlaten na één glas witte wijn. Dat glas wijn had ik verdiend, vond ik. Na een middag en avond hard (?) werken in de Mark Liebrecht Schouwburg. Het was namelijk D-Day.

Oef. Het staat. Of toch het meeste. Het decor. Ik geloof dat we enkel nog twee lichtschakelaars mankeren. En een stofzuiger. En ook nog een kunstwerk en een kempvis. Maar verder: behoorlijk àf.

De finaliteit hangt nu wild aan mijn arm te trekken. Ik vind het altijd spannend en vervelend tegelijk. “Had ik nu niks anders moeten bedenken?”, flitst het altijd door mijn hoofd als potige mannen en vrouwen allerlei zware panelen, praticabels en aanverwante deuren de scène opsjouwen. Met de grote kans dat ik een uitschuiver maak en iemand vergeet, in volstrekt willekeurige volgorde; een ongelofelijke dankjewel aan Pol C, Frido VD, Mil V, Harry VL, Tom L, Stef B, Bart B, Jan R, Paul DM en Freija VD (jawel, dé Freija VD!) voor het harde en fantastische werk aan het decor. Zoals al gezegd: Het staat er. En zoals nog niet gezegd: Het staat er fantastisch!

En ja, ik heb al foto’s genomen en ben zelfs in de verleiding gekomen om er hier eentje te plaatsen en dat zou misschien wel de voorpret verhogen maar de verrassing natuurlijk wegnemen. Nee daarvoor moeten ze maar naar een voorstelling komen kijken. Ik weet het, mijn commerciële logica is onverbiddelijk, maar dat hoort een regisseur natuurlijk tout cour te zijn. Dus ook qua commerciële logica.

Oh ja. De kostuums zijn er en er is ook al gegrimed. Daar moeten nog wat details op punt gesteld worden, maar ik heb er vertrouwen in dat we daar de komende week wel uitkomen. Alvast mijn dank aan Eva en Griet.

Dit is echt de laatste rechte lijn. Mijn rol beperkt zich nu tot het doorhakken van allerlei practische knopen en verder vooral met de billen dichtgeknepen afwachten of al die ideetjes nu ook in werkelijkheid het nodige effect sorteren.

We zijn er aan begonnen!

BerD

Aftellen…

Mijn professionele activiteiten voerden me de afgelopen twee dagen naar London City, meer bepaald Canary Wharf. Tot nader order vind ik dit het mooiste theater dat je ‘in het wild’ kan beleven: Mooie decors, prachtige kostuums en over the top acteerwerk. Toen ik vele jaren geleden naar de US reisde – ik was heel wat jonger en dus bijna extatisch want ik ging opzakenreis!- vroeg mijn moeder enigszins ongerust wat ik daar ging doen? “Voor het werk mama, gewoon, voor het werk”; antwoordde ik zo ontwijkend mogelijk. In welbepaalde levensfases dienen moeders van details verstoken te blijven. Een kinderlijke wijsheid met veel grond van waarheid.

“En dat is in het Engels?”, gooide ze er nog achteraan. “Ja mama, dat is in het Engels”. Mijn moeder kreeg daarbij een blik in de ogen die duidelijk verrassing verraadde. Dat al die jaren opleiding van haar zoon blijkbaar hadden geleid tot het vermogen om vergaderingen –meetings!- in het Engels bij te wonen, het leek moeilijk te vatten voor haar.

“En weet gij dan wat ge moet zeggen?”, klonk het met achterdocht. Wat mijn moeder niet begreep, maar ik ondertussen wel, is dat dat er helemaal niet toe doet. Het gaat nooit om wat je zegt, maar vooral om hoe je het zegt. Ik zei het al: toptheater.

Dit maar om te zeggen dat ik dus gisterenmorgen aankwam met de Eurostar in het prachtige Saint Pancras station en bijna van de roltrap donderde bij het aanschouwen van stunt zoveel van het promoteam. Schoon Schip! In London. Niet slecht gezien natuurlijk, met al die pendelaars.

Onze promotiemuur in Saint Pancras, eindterminal van de Eurostar 
Onze promotiemuur in Saint Pancras, eindterminal van de Eurostar

 

Het hoogtepunt van mijn werkbezoek was toen mijn collega uit New York opmerkte”Nice tie!” en ik met geweldig veel cool kon antwoorden: “Italian. 100% Silk”.

Verder plan ik morgenavond een toonmoment van de regisseur. Ik heb me door feestbestuurder Joris VC laten verleiden –haantjes onder elkaar- tot deelname aan de jaarmarktloop in Mortsel: 8km! Om 19u beginnen we eraan, samen met vele anderen heb ik begrepen.  Details alhier. Joris VC is schijnbaar gaan bijtrainen in het zuiden van Frankrijk terwijl ik mij beperkt heb tot het zoveel mogelijk over en weer lopen op de repetities van Schoon Schip. Niet echt de ideale voorbereiding; maar deze fysieke inspanning zal mij mentaal ongetwijfeld in de juiste toestand brengen om zondag de Generale Week met de nodige energie op gang te fluiten.

We beginnen eraan!

BerD

Du jamais vu

Zo. Dat was een bijzondere passage van toneelgroep Streven, gisteren op het MOVE-evenement. Een fijn initiatief van de stad Mortsel dat qua concept nog enig schaafwerk vraagt.  Het centrale podium  en de akoestiek in Hangar 75 leenden zich perfect voor acrobatische demonstraties allerhande, dreigende Martial Arts performances maar qua atmosfeer voor een theater toonmoment, ho maar. Het had iets van dweilen met vier kranen tegelijk open. Met andere woorden: een ongelijke strijd. Medaille voor moed en zelfopoffering voor Freija VD, Nicole P en Rita S want hier viel geen zalf aan te strijken, laat staan eer mee te behalen.
Maar! Toneelgroep Streven heeft zicht weer eens laten zien en horen buiten de veilige bunker van de theaterzaal en dat is in mijn ogen altijd winst. Tel uit.

Trouwens meteen van onze aanwezigheid in Hangar 75 gebruik gemaakt om samen met de decormannen nog even een laatste check te doen in het atelier vooraleer ze volgende week echt dat ding gaan bouwen. Een mega meccano is het! En het stukje dat gemonteerd stond in het atelier deed me prompt hevig verlangen naar de ‘generale week’.  Dat overkomt me anders nooit, want meestal is de ‘generale week’ een soort tandartsbezoek: je kijkt er tegenop, je weet dat je er doorheen moet en je bent blij als een kind als je ‘U mag spoelen’ hoort. Dat spoelen mag in een generale-week-context letterlijk worden genomen. Liefst met alcohol, dat ontsmet het best.

In zoverre dat ik  na subtiele hints vanuit het ‘veld’, een wat vreemd besluit heb genomen. Waar vele theaterproducties tegen de première extra repetities plannen,  heb ik besloten dat vanavond, maandag dus, de laatste (!) repetitie in het repetititielokaal wordt. Als dat toonmoment gisteren iets duidelijk heeft gemaakt, dan wel dat we er helemaal klaar voor zijn.  De repetitie van donderdag  17 September is… komen te gaan. Even een weekje stilte. Dat lijkt me gewoon nodig. Ik weet het: du jamais vu, maar speciale producties vragen soms speciale maatregelen.

Dus zij die komen kijken en het niks vinden kunnen nu alvast beginnen oefenen op het met zo groot mogelijk naturel uitspreken van volgende zin:
“Bwoah, ge kwam precies een paar repetities tekort, niet?”

Tot gauw,

BerD

Follow

Get every new post delivered to your Inbox.